Taaltoets-pabo
Met de Taaltoets-pabo kunnen leerkrachten van pabo’s vaststellen of instromende eerstejaars pabostudenten voldoen aan de landelijk vastgestelde norm voor taal.
Taaltoets-pabo
De Taaltoets-pabo bestaat uit 150 opgaven die het schriftelijk taalgebruik van de studenten op indirecte wijze meten. Dit houdt in dat de student een goed-foutoordeel geeft over de spellingwijze van woorden, interpunctie en formuleringen. Het onderdeel basisgrammatica bestaat uit meerkeuze-opgaven.
Uit de opgavenbank van de Taaltoets-pabo worden gelijkwaardige computergestuurde lineaire toetsen samengesteld. Lineaire toetsen zijn toetsen waarin een vooraf vastgestelde set van opgaven in een vaste volgorde staat. Deze toetsen en de bijbehorende cesuur zijn ontwikkeld in nauwe samenwerking met pabodocenten en vastgesteld door de HBO-Raad.
Domeinen
- Spelling toepassen (50 opgaven: 30 opgaven werkwoorden en 20 opgaven naamwoorden)
- Formuleren (40 opgaven)
- Interpunctie (20 opgaven)
- Basisgrammatica (40 opgaven: 20 opgaven taalkundig ontleden en 20 opgaven redekundig ontleden)
Meer informatie
Kijk voor meer detailinformatie over de inhoud van de toets in het blok rechts op de pagina.