Centrale Eindtoets

Voor groep 8

In opdracht van het College voor Toetsen en Examens (het CvTE) ontwikkelen wij de Centrale Eindtoets. Deze toets geeft leerlingen, ouders en uiteraard de leerkracht informatie over een passend brugklastype voortgezet onderwijs. Om de prestaties van leerlingen objectief en gelijkwaardig te beoordelen is de toets op basis van wetenschappelijk onderzoek ontwikkeld.

Van Citotoets naar Centrale Eindtoets PO

De belangrijkste functie van de Eindtoets Basisonderwijs PO (door velen de Citotoets genoemd) is het geven van een tweede onafhankelijk advies voor plaatsing in het voortgezet onderwijs. Dat was al zo in 1966, bij professor A.D. de Groot, de grondlegger van de Amsterdamse Schooltoets, de voorloper van de Citotoets. Hij zag de Schooltoets als een middel om vooringenomenheid bij de advisering van leerlingen tegen te gaan. Cito staat nog steeds vierkant achter dat standpunt. De Amsterdamse Schooltoets werd in 1970 overgenomen en heet vanaf 1976 Eindtoets Basisonderwijs PO. Dit bleef de officiële naam van de toets tot en met 2014.

Vanaf 2015 is het maken van een eindtoets verplicht. De overheid stelt daartoe de Centrale Eindtoets beschikbaar. Die toets bouwt verder op de Citotoets. Het grote verschil met de Citotoets is dat de Centrale Eindtoets geen product van Cito meer is. Wij maken nog steeds de opgaven voor de toets, maar we doen dat in opdracht van het College voor Toetsen en Examens (het CvTE). Het CvTE bepaalt de inhoud van de Centrale Eindtoets. De Centrale Eindtoets is een van de drie eindtoetsen waar een school uit mag kiezen.

Samen met leerkrachten

Toetsresultaten ondersteunen het advies van de leerkracht, die het complete beeld heeft van de ontwikkeling van zijn of haar leerlingen. Voor elk toetsonderdeel, bijvoorbeeld begrijpend lezen, werkt een toetsdeskundige van Cito samen met drie (ex-)leerkrachten van groep 8 aan het maken van de opgaven. Voor de kwaliteit van een toets is het belangrijk dat deze aansluit bij de vaardigheden en belevingswereld van leerlingen. De inhoud van de Centrale Eindtoets is vastgelegd in de toetswijzer taal en rekenen en de toetswijzer wereldoriëntatie.

Download de toetswijzer 

Komen tot een betrouwbare en valide toets

  • Alle opgaven in de Centrale Eindtoets zijn in de praktijk uitgeprobeerd, in een proefafname bij een representatieve groep leerlingen. 
  • Bevat elk toetsonderdeel voldoende moeilijke en gemakkelijke opgaven? Kunnen de vaardige leerlingen de moeilijke vragen goed beantwoorden? 
  • Uitgangspunt is dat we alleen de opgaven in de toets opnemen die meten wat ze behoren te meten. 
  • Uit de opgaven stelt het CvTE een evenwichtige toets samen. Dat gebeurt door de vaststellingscommissies. Er zijn er drie: een voor taal, een voor rekenen en een voor wereldoriëntatie. In de vaststellingscommissies zitten vakdeskundigen en leerkrachten van groep 8. 

Interpreteren van toetsresultaten en waarderen van prestaties

Om de toetsresultaten op waarde te schatten, analyseren wij na de afname alle gegeven antwoorden. Op basis van de analyses adviseren we het CvTE over de normering. Het CvTE stelt vast hoeveel opgaven je goed moet hebben om een bepaalde standaardscore te krijgen. Belangrijk hierbij is dat gelijke prestaties een gelijke waardering krijgen door de jaren heen. Ook als de moeilijkheidsgraad van de opgaven van jaar tot jaar een beetje varieert. Een score van 535 is dus het ene jaar evenveel waard als het andere jaar.

Wilt u meer weten over de Centrale Eindtoets?

Op de website van het CvTE vindt u informatie over de inhoud en de afname.

Ga naar de website CvTE

Publicaties

Bij Onderzoek en achtergronden leest u meer over onze onderzoeken die wij deden op basis van de Eindtoets Basisonderwijs.

De historie van de Citotoets

In het submenu-item De historie van de Citotoets leest u onze eerste aanzet over hoe het is begonnen in 1966.