Afname in Nederland

In Nederland verzorgen wij sinds 2000 de afname van PISA. Voordat we de definitieve opgaven op een groot aantal scholen afnemen, is er eerst een vooronderzoek op een kleiner aantal scholen.

Zo ziet de globale planning voor het PISA-onderzoek eruit:  
  • 1e jaar voorbereidingsfase
  • 2e jaar afname vooronderzoek
  • 3e jaar afname hoofdonderzoek
  • 4e jaar data-analyse en publicatie resultaten

Zo verloopt de afname:

  • Selectie scholen en leerlingen
    Aan het begin van het hoofdonderzoek leveren wij een overzicht van alle Nederlandse vestigingen voor voortgezet onderwijs aan bij het internationale consortium. Het consortium trekt hieruit een steekproef van ongeveer 200 scholen. Vervolgens benaderen wij deze scholen met het verzoek om mee te doen aan het PISA-onderzoek. Dit gebeurt door PISA-ambassadeurs die voor ons uitleg geven aan de scholen en die later ook de toets op deze scholen afnemen.
  • Afname
    Als een school toegezegd heeft mee te doen, levert de school een lijst in met alle leerlingen uit een bepaald geboortejaar. Uit deze lijst trekt het internationale consortium een steekproef van 35 leerlingen. Dit kunnen leerlingen zijn uit verschillende klassen. Deze leerlingen krijgen allemaal een brief waarin gevraagd wordt of ze mee willen doen met het onderzoek. De deelnemende leerlingen maken allemaal een digitale toets met opgaven natuurwetenschappen en daarnaast wiskunde en leesvaardigheid. Daarnaast maakt een deel van de leerlingen een toets Samenwerkend probleem oplossen en een deel van de leerlingen een toets Financiële geletterdheid. Ook vullen alle deelnemende leerlingen een vragenlijst in. De afname van de digitale opgaven en de vragenlijst duurt ongeveer 5 uur, inclusief pauzes. Alle leerlingen die meegedaan hebben aan het onderzoek krijgen van ons een beloning.
  • Rapportage
    Na de afname beoordelen wij de opgaven van de toets. Speciaal door ons getrainde beoordelaars kijken de open antwoordvragen na. Bij het hoofdonderzoek zijn meer dan twintig beoordelaars gedurende zes weken daarmee bezig. De gegevens van alle landen worden vervolgens door het PISA-consortium verzameld en geanalyseerd. In het jaar na de peiling verschijnt een internationaal rapport met daarin de resultaten van alle landen. Daarnaast maken wij een rapport over de resultaten van Nederland.