Vergelijking referentieniveaus

Verslag Rekenen-Wiskunde jaaargroep 8

Pilotstudies referentieniveaus

Op 7 oktober 2009 is het definitieve referentiekader taal en rekenen naar de Tweede Kamer gestuurd, onder leiding van de Expertgroep doorlopende leerlijnen taal en rekenen. Het referentiekader beschrijft precies wat een leerling moet kennen en kunnen op het gebied van taal en rekenen op verschillende momenten in hun schoolloopbaan.




Veldraadpleging

Voordat de adviezen vastgelegd zijn, is het veld uitgebreid geraadpleegd. De veldraadpleging richtte zich op inventarisatie van input van leerkrachten, schoolleiders en besturen over de inhoud van de domeinen en de haalbaarheid van de referentieniveaus. Ook de kennis en bewustwording in het veld zal ontwikkeld en versterkt moeten worden.

De pilotstudies Nederlandse taal en rekenen-wiskunde

Het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen vroeg ons daarom om op basis van de toetsen van het leerlingvolgsysteem (de LVS-toetsen) streef- of referentieniveaus te ontwikkelen voor Nederlandse taal en rekenen-wiskunde. Deze pilotstudie richtte zich op de ontwikkeling van referentieniveaus halverwege jaargroep 5 en 8. Referentieniveaus halverwege het basisonderwijs maken de leerkrachten duidelijk welke basale vaardigheden leerlingen bij de afsluiting van de onderbouw zouden moeten beheersen en bij welke leerlingen dat niet is gerealiseerd. Referentieniveaus einde jaargroep 8 geven aan welk kwaliteitsniveau aan het einde van het basisonderwijs nagestreefd zou moeten worden.

Het eerste verslag geeft zicht op de ontwikkeling van referentieniveaus halverwege jaargroep 5. Het verslag Referentieniveaus medio jaargroep 5 is verschenen in 2008.

In een vervolgtraject is ook voor groep 8 een studie gedaan, gebaseerd op de tweede generatie van toetsen Rekenen-wiskunde van het Cito Volgsysteem. Dit verslag is in 2010 gepubliceerd.

Wilt u meer weten?

Rechts op de pagina gaat u naar meer informatie over de referentieniveaus.