Afname in Nederland
In Nederland verzorgt Cito de afname van PISA. Voordat de definitieve opgaven op een groot aantal scholen worden afgenomen, vindt eerst een vooronderzoek op een kleiner aantal scholen plaats.
Voor de peiling van 2012 ziet de planning er globaal als volgt uit:
- 2010: voorbereidingsfase
- 2011: afname vooronderzoek
- 2012: afname hoofdonderzoek
- 2013: data-analyse en publicatie resultaten
Selectie scholen en leerlingen
Aan het begin van het hoofdonderzoek levert Cito een overzicht van alle Nederlandse vestigingen voor voortgezet onderwijs aan bij het internationale consortium. Het consortium trekt hieruit een steekproef van ongeveer 200 scholen. Vervolgens benadert Cito deze scholen met het verzoek om mee te doen aan het PISA-onderzoek. Dit gebeurt door PISA-ambassadeurs die voor Cito uitleg geven aan de scholen en die later ook de toets op deze scholen afnemen.
Afname
Als een school toegezegd heeft mee te doen, levert de school een lijst in met alle leerlingen uit een bepaald geboortejaar. Uit deze lijst trekt Cito met behulp van een computerprogramma een steekproef van 30 leerlingen. Dit kunnen dus leerlingen zijn uit verschillende klassen. Deze leerlingen krijgen allemaal een brief waarin gevraagd wordt of ze mee willen doen met het onderzoek. De deelnemende leerlingen maken allemaal een papieren toetsboekje met opgaven wiskunde, leesvaardigheid en natuurwetenschappen en vullen een vragenlijst in. Een deel van de leerlingen maakt daarnaast een digitale toets probleem oplossen. De afname van de papieren opgaven en de vragenlijst duurt precies 3 uur, inclusief pauze. De leerlingen die meedoen aan de digitale toets probleem oplossen, maken die in de middag. Alle leerlingen die meegedaan hebben aan het onderzoek krijgen van Cito een beloning.
Rapportage
Na de afname beoordeelt Cito de opgaven van de toets. Speciaal door Cito getrainde beoordelaars kijken de open opgaven na. Bij het hoofdonderzoek zijn meer dan 20 beoordelaars gedurende 6 weken daarmee bezig. De gegevens van alle landen worden vervolgens door het PISA-consortium verzameld en geanalyseerd. In het jaar na de peiling verschijnt een internationaal rapport met daarin de resultaten van alle landen. Daarnaast maakt Cito een rapport over de resultaten van Nederland. Dit rapport is voor alle scholen in Nederland beschikbaar.