Sluiten
4 oktober 2018

"Ik ben geen fan van Cito! Jullie toetsen zijn zo talig."

Floor Scheltens
Floor ScheltensSenior toetsdeskundige rekenen-wiskunde
Vorige week had ik een kennismakingsgesprek met meester Ronald, de nieuwe meester van mijn dochter. Ik vind het altijd wat ongemakkelijk. Dan zit je daar op zo’n klein stoeltje in een klaslokaal zonder kinderen. Dit gesprek werd nog ongemakkelijker toen meester Ronald hoorde dat ik bij Cito werk. “Ik ben geen fan van Cito! Jullie toetsen zijn zo talig.” Poeh, daar zat ik dan op mijn kleine stoeltje. Gelukkig kon ik nu trots zeggen: “Daar werken we keihard aan!”

Taal in rekenen is ons speerpunt bij de nieuwe toetsen Rekenen-Wiskunde. Hoe pakken we dat aan? Er komen meer sommen zonder ‘verhaaltje’ in de toetsen. Dit zijn bijvoorbeeld kale sommen, maar ook sommen als: 100 meter = _____ centimeter, of opgaven waar kinderen getallen op volgorde moeten zetten van klein naar groot. Dit zijn opgaven zonder instructie of met een eenvoudige instructie in rekentaal, waarbij het gaat om formeel rekenen. De ‘verhaaltjessommen’ krijgen ook een plek in de nieuwe toetsen, want rekenen is nu eenmaal niet alleen het maken van kale sommen. Kinderen rekenen ook in de echte wereld. Ze moeten ook daar wel eens een rekenvraag uit de context halen en deze oplossen. Dit noemen we functioneel rekenen. Maar het moet natuurlijk wél rekenen blijven en geen begrijpend luisteren of begrijpend lezen worden. Meester Ronald had echt een punt hoor. De taligheid in onze rekenopgaven kan inderdaad wel wat minder.

Dat kan anders!

Samen met mijn taalcollega Saskia bekijk ik alle opgaven voor onze nieuwe toetsen heel kritisch. Daarbij viel ons ook op hoe talig sommige opgaven in de huidige toetsen zijn. In de toets M3 trok deze opgave onze aandacht: 

 

Hamid moet 7 dozen wegzetten. Hij zet 4 dozen op de onderste plank.

De andere dozen komen op de bovenste plank.

Hoeveel dozen komen op de bovenste plank?

Dit kan heel anders.

Sam zet 7 dozen weg. 4 dozen gaan op de kast.

De andere dozen gaan in de kast.

Hoeveel dozen gaan in de kast? 

Voor de kinderen is het rekenwerk bij de opgaven precies hetzelfde gebleven, maar de aangepaste opgave is makkelijker te begrijpen. Zo is de naam Sam korter dan Hamid, zijn begrippen als ‘onderste’ en ‘bovenste’ vervangen door korte en eenvoudiger begrippen als ‘op’ en ‘in’ en zijn de zinnen kort en krachtig geformuleerd.

Dit is maar één voorbeeld van de goede suggesties die ik van Saskia krijg. Zij blijft de komende jaren meewerken aan onze nieuwe toetsen, omdat we vinden dat het taalniveau van de toetsen moet aansluiten bij het niveau van de kinderen. Zo kan elk kind laten zien wat hij of zij in huis heeft als het om rekenen gaat. Ik ben benieuwd of meester Ronald dan wél fan wordt van Cito…  

www.cito.nl maakt gebruik van cookies, onder andere om de website te analyseren en het gebruiksgemak te vergroten. Via de knop ‘instellen’ geef je aan welke cookies je wilt accepteren. Meer informatie over Cookies en privacy